Voor het 50-jarig jubileum is de historie van Blauw Wit beschreven in 5 delen en gepubliceerd in Holten Extra. Hieronder deze vijf verhalen over de historie van Blauw Wit, geschreven door vijf verschillende personen.

 

Deel 1: Oprichting z.v.v. Blauw Wit '66 een feit

Uit het Holtens Nieuwsblad van 28  mei 1966 nemen we het volgende  over geschreven door Jan Wiggers:

Zaterdagmiddagvoetbalclub opgericht.

Behoefte om te komen tot zaterdagvoetbal heeft haar neerslag gevonden in de oprichting van een z.g.  zaterdagmiddagclub, die de naam zal  krijgen van Blauw Wit '66, indien daar­tegen van de zijde van de afdeling Twenthe van de K.N.V.B. geen bezwaren bestaan.

Deze club zal de beschikking krijgen over het terrein bij café De Poppe, dat nu nog bespeeld wordt door de  vereni­ging Markelo Vooruit, welke vereniging echter na afloop van de  competitie zal worden opgeheven.

De oprichting van de club had maandagavond plaats in café De Poppe onder voorzitterschap van de heer B.J. Aan­stoot, die o.a. mededeelde  dat de VV Markelo Vooruit te weinig levenskansen bezat en men het  beter achtte om op zaterdag­voetbal  over te schakelen omdat daaraan behoefte bleek te bestaan. De gedachte dat tal van spelers o.a. uit levensbeschouwelijke overwegingen zouden toetreden bleek inderdaad bewaarheid, want er hadden  zich, zo bleek op deze druk bezochte  vergadering, ruim 60 leden opgegeven.

Besloten werd een commissie in te stellen die de voorberei­dingen zal moeten treffen om de club op poten te zetten en een definitief bestuur te vormen. Deze commissie zal bestaan uit de  heren: G. Beldman, J.A.H. Bronsvoort, C. Knijff, A. Landeweerd (tegenwoordige secretaris van Markelo Vooruit), L.H.M. Steggink en J. Wig­gers.

Onder de ruim zestig leden bevinden  zich twintig junioren ‑ pu­pillen, zodat  besloten werd t.z.t. twee seniorenelftallen, een juniorenelftal en een pupillenelftal voor de bond op te geven. Op donderdagavond 2 juni zullen reeds twee elftallen een proefwedstrijd spelen, waaronder nieuw Blauw Wit 1 tegen oud Markelo Vooruit.

De nieuwe club rekruteert haar spelers voor het grootste deel uit Holtense ingezetenen, die o.a. elders ook  reeds gevoet­bald hebben. Voor een vijftiental jaren (1951 red.)  kende Holten ook reeds een zaterdagmiddagclub, 'O.Z.O.D.' (Overwinnen Zij Ons Doel) geheten, die o.a. op  het terrein in het Sportdal speel­de, maar even later wegens gebrek aan spelers moest worden opge­heven. Aldus de mededeling in het Holtens  Nieuwsblad.

Op dezelfde vergadering van 24 mei 1966 nam de oprichtings­commissie het initiatief om te komen tot de  vorming van een defini­tief bestuur. Het hierna volgende bestuur werd door stemming van de aanwe­zigen  aanvaard:

Voorzitter: G. Stroeve,

Secretaris: A.J. Landeweerd (dagelijks  bestuur);

Penningmeester: H.J.J. Ke­velam;

Commissarissen: B.J. Aanstoot (tevens consul) en J.A.H. Bronsvoort.

Tevens werd op die vergadering besloten de huidige trainer van ''Markelo Vooruit'', de heer L.H.M. Steggink, aan te stellen als trainer voor de  z.v.v. Blauw Wit '66.

De vergadering werd besloten met  een woord van de nieuwe voorzitter  G. Stroeve. Deze wenste de z.v.v. Blauw Wit '66 een voorspoedig  bestaan toe.

 

 

Deel 2: Blauw Wit '66: 25-Markante jaren

Een bijdrage geschreven door Dick Beldman

Jeugdbegeleiding

Een van de eerste jeugdleiders was  wijlen Hendrik Beldman (van Beeldmans‑Teunis, later de mane­ge). Hendrik was in zijn dagelijks leven werknemer van de Gebr. Wansink (later D.M.C). Samen met Sabel‑Jan (de vader van o.a. Arie en Gerrit Lande­weerd) bracht hij eierkolen bij de  mensen in een Hanomag bestelbus.  Deze bestelauto werd zaterdags gebruikt bij ver­voer van de jeugd naar  uitwedstrij­den. Waar we ook heen gingen, onderweg stopte Hendrik altijd bij een slager, kocht een grote  leverworst, deelde dit onder zijn junioren uit met de mededeling: 'pak  an jongs 't is goed voor de conditie'.  Ook langs de lijn was Hendrik een  mar­kant figuur. Ondanks zijn bulderende stem wist hij toch steeds ondanks regelmatige grote nederlagen  de stemming er goed in te houden.

Jeugdelftallen

In de beginperiode had Blauw Wit '66  slechts één of twee jeugdelftal­len met vrij veel leeftijdsver­schil. In 1966 kende  men ook geen pupillenelftallen. Het  eerste pupil­lenelftal formeerde men  ten tijde van 'De Wild­hof'.

Zo is  bijvoorbeeld Hendry Bronsvoort (later s.v. Holten en Rohda Raalte) daar  zijn voet­balloopbaan begonnen. Vader (Albert) Bronsvoort was een van  de eerste pupillenleiders. Ten tijde  van de 'Vianenweg' kwam er wat  betere aftekening in de jeugdelftallen  A‑B‑C. Jaarlijkse derby's waren de  wedstrij­den tegen H.V.C. (Holten). Bij  Blauw Wit '66 was Wim Beldman leider (hij is nu leider van het huidige B1‑ elftal)  en bij H.V.C. de heer Groenenwoudt. Beiden beschikten over een  zeer groot 'schreeuwvermogen', zodat de sfeer rond deze plaatse­lijke derby's zich laat raden. Ook tegenstander Bentelo zal bij de oudere  Blauw Wit '66 spelers bekend in de oren  klinken.

Senioren

Bekende namen uit het eerste van  1966 zijn: Leo Steggink (tevens trainer), Herman ter Beek, Arie Landeweerd, Jaap Thalen, Herman en Jan Heuvink. Grensrechter: Bets van de  Poppe. Bets had het regelmatig met de scheidsrechters aan de stok vanwege zijn soms ''clubgericht'' vlaggen. Na afloop werd echter onder het  genot van een biertje en een uitsmijter alles weer uitgepraat. Onder dit  'genot' verdween dan ook menige  waarschuwing en/of veldverwijde ring onder tafel. Bekende tegenstanders uit die dagen waren o.a. Sparta  Ensche­de, Juliana, Enter Vooruit 2,  Excelsior 3, Sportclub Rijssen. Vooral de wedstrijden tegen de Rijssense  clubs waren veelal beladen. Zo werd  Arie Landeweerd in Rijssen tegen Excelsior finaal uit de wedstrijd geschopt. Toen het eerste later bij de standaardklasse 1A werd ingedeeld, bleef tegen Excelsior alleen de rivaliteit bij lagere elftallen en jeugd.

Toen Sportclub Rijssen nog in de  T.V.B. voetbalde, was dit de jaarlijkse  derby, welke met wisselend succes  werd afgeslo­ten. Zo maakte Sp. Rijssen in 1978 ernstig bezwaar tegen de  aanstelling van Dick Beldman (lid  Blauw Wit '66) voor de wed­strijd van Sp.  Rijssen tegen B.Z.S.V. de Blauwwitters om het kampioenschap van de afdeling. Het bezwaar werd door het T.V.B. ‑bestuur  ter zijde gelegd en Sportclub Rijssen won  met 1‑0, maar B.Z.S.V. de Blauwwitters werd dat jaar kampioen.

Het tweede elftal stelde in de beginjaren niet veel voor. Zo werd één van  de eerste oefenwedstrijden bij een  temperatuur van ruim 30 graden!, uit bij Dos '37, met 24‑0 verloren.  Pas ten tijde van de Vianenweg  kwam er een derde elftal, o.a. met  Wim Heemskerk, Joop Arfman, Hennie Paalman (H.P.), Dick Beldman, Winni Müller, Herman Bekkernens, Henk Beldman etc. De eerste leider van Blauw Wit '66 3 was Gerrit Welink.

De eerste wedstrijd tussen Blauw Wit '66 1 en s.v. Holten 1 vond plaats op het 'Meermanskamp', omstreeks 1973. Blauw Wit '66 won met 1‑0.

Training

Vanaf de Poppe t/m het veld aan de Rijssenseweg werd veelal getraind onder het licht van enkele lan­taarn palen. Een eventuele lichtwedstrijd  kon men spelen bij Sp. Rijssen, welke  club in de regio het eerste een installatie had waarbij een avondwedstrijd  gespeeld kon worden. Hoewel dit licht niet te vergelijken was met de  huidige schijnwer­pers, moest men  een wedstrijd toch bijna een jaar!! van  te voren bespre­ken. Ook werd 's winters wel eens uitgeweken naar Manege Beldman, waar tussen zaagsel en  paar­denstront tegen een bal werd  getrapt. Een sporthal kende men toen nog niet!

Activiteiten

De verloting bij thuiswedstrijden van  het eerste elftal bestaat al vanaf de  oprichting. De jaarlijkse koekactie dateert vanaf ±1970 en is nadien ook onafgebroken gehouden. De jaarlijkse grote  verloting dateert uit ± 1975 en is ook ieder jaar weer gehouden. Daarnaast zijn er tot 1978 enkele bazaars  gehouden bij Vosman en in gebouw  Rehoboth (nu Schuppert meubelen). Organisatie hiervan koste enorm veel tijd en inspanning, maar het gebeu­ren op zich, compleet met grabbelton en rad van avontuur, was altijd erg gezellig. Ook werd eind jaren zeventig (1974‑1978) enkele malen deelgenomen aan de plaatselijke braderie  (nu Dorps­feest). Meestal met het spel  kegelen of doelschieten in gaten. De  grote organisatoren hiervan waren Gerrit Welink, Dick Beldman en Gerrit Dikkers.

Overige activiteiten

Vanaf ± 1975 t/m 1990 werden  regelmatig klaverjasavonden georganiseerd. Eerst bij 'De Zadelkamp'  (nu 'De Preu­ter'), later in het eerste  eigen clubgebouw op Meermanskamp. Vooral op Meermanskamp was de belangstelling zo groot, dat  stoelen werden geleend bij de s.v. Holten en de kaarters zelfs tot in de  bestuurska­mer zaten. Vast koppel  achter de bar waren destijds Corrie  Hovenkamp en Dikkie Thalen die  zorgden voor o.a. eigen ge­maakte cake en soms zelfs snert. Knoertgezellig waren die avonden. Ook werden op zowel het 'Meermanskamp' als op 't Vletgoor' enkele keren een  bingo georganiseerd. Met de opkomst van de passieve recreatie (video etc.) zijn beide activiteiten ter ziele gegaan. Ook werden vanaf ±1973 voor de medewerkers een ontspannings­avond geor­ganiseerd. Een  willekeurige greep:

* met de bus naar Harbrinkshoek ‑ kegelen.

* spelavond bij De Poppe met medewerking van Co Schut.

* dropping met eindpunt Bockje Bathmen, waar snert klaar stond.

* kegelavond bij De Leeren Lampe te Raalte.

* revue van C.O.C. bij camping De  Holterberg.

* kegel en spelavond bij Dikkie Down (nu Barba­rossa).

* feestavond bij Vosman m.m.v. hypnotiseur.

* feestavond 20‑jarig bestaan bij Het Bonte Paard.

De laatste jaren worden de ontspanningsavonden gehou­den in en rondom het eigen clubgebouw op 't Vlet goor met o.a. fietspuz­zeltocht en  klootschieten.

Ledenvergaderingen werden in de  eerste jaren bij 'De Pop­pe', 'Vosman' en later bij 'De Zadelkamp'  (nu 'De Preuter') gehouden. Tijdens  de eerste jaren op 'Meer­mans­kamp' werd de bestuurskamer gedeeld met  de s.v. Holten. Ook vergaderde men  een periode aan huis.

 

Deel 3: De Zwerver

Een bijdrage geschreven door Renger Veldhuis.

In de tweede klasse afdeling West II van de  K.N.V.B. speelt de zaterdag­voetbalvereniging De Zwerver uit Kinderdijk. Een oude en roemruchte vereniging sinds jaren.

Deze naam zou ook voor de z.v.v. Blauw Wit '66 van toepas­sing  kunnen zijn. Alhoewel bij de oprichting hier niet aan is gedacht i.v.m.  het ontbreken van een toekomstvisie op een bepaald vlak. Waarom nu De Zwerver?

Hoewel de z.v.v. Blauw Wit '66 al sinds augustus 1984 speelt op het sportpark 't Vletgoor aan de Dorperdijk te Holten, heeft de vereniging in de voorgaande jaren op diverse locaties haar domicilie gehad. Vooral in de beginfase kende de vereniging een  nomadenbestaan. Vandaar De Zwer­ver.

In mei 1966 (de oprichting) werd gestart op het terrein aan de Witterieksweg te Markelo, direct achter café-restaurant De Poppe, halfweg Holten ‑ Markelo. Dit terrein was eigendom van het voornoemde café-restaurant. Ook exploiteerde men hier een camping die een groei kende, waardoor in het hoog­seizoen het voetbalveld ter beschikking stond van de cam­pinggasten en bij een zeer druk seizoen zelfs de caravans rondom op het veld geplaatst werden. Na twee seizoenen was er van het voetbal­veld niet veel over en werd besloten het veld volledig om te ploe­gen en  opnieuw in te zaaien om voor Blauw  Wit '66 een goed speelveld te hebben.

In 1968 verhuisde de z.v.v. Blauw  Wit '66 naar camping De Wildhof aan de Winterkamperweg (vanaf De Poppe richting de Borkeld, ook wel De Hoch genoemd, waar de klei voor de steenfabrieken in Rijssen werd gewonnen). Druk overleg door beide campingeigenaren (de familie Aanstoot van De Poppe en de familie Ter Hofte van De Wildhof) was hieraan voor­afgegaan om op het veld van camping De Wildhof gedu­rende één seizoen het competitieverloop te laten plaatsvin­den. De afstand tot Holten bedroeg ongeveer zes kilometer, hetgeen de vereni­gingsband zeker niet bevorderde.

In 1969 kon de z.v.v. Blauw Wit '66 weer terug naar de Witte­rieksweg (achter De Poppe), waarna een jaar rust een prima speelterrein was ontstaan. Doch de campingbelangen van de eigenaar werden zodanig groot dat Blauw Wit '66 haar laat­ste competitiewedstrijden van dat seizoen moest uitwijken naar privéterreinen in de omgeving (Haverkamp / Markelo en Spik­ker / Lettele) om de  eigenaar de gelegenheid te geven caravans en tenten op het terrein te  plaatsen in het voorseizoen. Deze situatie was voor Blauw Wit niet meer acceptabel en in goed overleg met de familie Aanstoot werd besloten om elders in de gemeente Holten aan een  speelveld te komen, hetgeen in ongeveer drie maand kant en klaar moest zijn voor de nieuwe competi­tie.

Na actief overleg lukte het Blauw Wit '66 om met behulp van particulieren (grondruil c.q. huur) een stuk weiland aan de Vianenweg te bemachtigen om dit nog voor aanvang van het seizoen 1970-1971 met vereende  krachten speelklaar te krij­gen. De gemeente Holten die Blauw Wit '66 niets kon bieden, ver­leende oogluikend toestemming (zonder bestemmingsplanwij­zi­ging) evenals de T.V.B. Terreinverlichting werd via Metalu gerealiseerd, terwijl aannemersbedrijf Koopman aan de Burgemeester van de Borchstraat Blauw Wit '66 een oude bouwkeet ter beschikking stelde die werd omgetoverd tot kleedgelegenheid.

Slechts twee seizoenen speelde Blauw Wit '66 aan de Vianenweg. De gemeente Holten had inmiddels het startsein gegeven tot de aanleg van het nieuwe sportpark Meermans­kamp. Dit sport­park zou in 1973 ter beschikking komen, mogelijk een jaar eerder voor een tweetal velden. Hierdoor kon Blauw Wit '66 in 1972 tijdelijk voor één seizoen verhuizen naar een terrein aan de Rijssenseweg  (voorheen het tweede veld van s.v. Holten, dat inmiddels was vrijgekomen omdat de s.v. Holten al gedeelte­lijk op Meermanskamp kon gaan  spelen) naast de familie Wansink. Een bescheiden kleed­lokaaltje was hier reeds aanwe­zig doch Blauw Wit '66  moest zelf nog verlichting aanleggen  om in de avonduren op het veld te kunnen trainen.

In 1973 volgde dan de verhuizing  naar sportcomplex Meer­manskamp aan de Valkenweg. Deze accommodatie werd samen bespeeld  met de s.v. Holten, waarbij Blauw  Wit '66 zaterdags de beschikking had over het hoofdveld en s.v. Holten zondags. De overige velden waren voor  beide verenigingen waarbij de huur  werd berekend in verhouding tot het aantal elftallen van beide verenigingen.

Na meer dan tien jaar gepraat en voorbereidingen kon Blauw Wit '66 in 1984 definitief verhuizen naar het  nieuwe sportpark 't Vletgoor aan de Dorperdijk te Holten. Op deze accommo­datie speelt Blauw Wit '66 alweer zeven jaar en deze accommoda­tie voldoet uitstekend aan de eisen des tijds. Blauw Wit heeft hier de  beschikking over vier velden (incl. hoofdveld) en een trainingsveld. Eén der bijvelden is van een complete licht­installatie voorzien, zodat er ook lichtwedstrijden gespeeld kunnen worden.

Terugziend tellen we zes verhuizingen in achttien jaar, voor­waar geen kleinigheid, doch elke verhuizing heeft Blauw Wit '66 beslist geen goed gedaan, vooral die naar camping De  Wild­hof. De laatste verhuizing naar 't Vletgoor heeft de vereniging een enorme vrijheid gegeven, immers voor het eerst een eigen sportpark, een bezit  dat voor elke vereniging onontbeerlijk is.

 

Deel 4: Van De Poppe naar 't Vletgoor

Een bijdrage geschreven door Gerrit Bekkernens

1966

Het feit dat een vereniging in haar 25‑jarig bestaan vier keer van locatie is veranderd, mag gerust opmerkelijk  worden genoemd. Zoals een ieder wellicht weet, begon het in 1966 allemaal bij café‑restaurant 'De Poppe', waar het op de naastliggende camping aanwezige speel ‑ annex voetbalveld als thuisbasis werd gebruikt. Er was echter een probleem: 's zomers moest het veld gebruikt worden als kampeergelegenheid voor de zomergasten. Om nu te voorkomen dat de Blauw-Witters niet alleen een tegenstander dienden te passeren maar 'en passant' ook een paar bunga­lowtenten moesten omzeilen, werd uitgeweken naar Markelo‑Cen­trum. Daar konden de velden van 'De Wildhof' en 'Haver­kamp' worden ge­bruikt voor de 'thuis'‑wedstrijden. Dat deze situatie alles­behalve ideaal was, moge duidelijk zijn.

1970

Na vier jaar 'tentschieten' vertrok men in 1970 dan ook richting de Vianenweg, naar een tot speelveld gebombar­deerd weiland, onder insiders bekend als het veld bij 'Ale Pot'. Volgens één van die insiders en bron Johan Stam werd dit mogelijk gemaakt door middel van een ouderwetse ruilhandel tussen een aldaar gezetelde boer en manege Beldman. Johan Stam: 'De vergaderingen vonden destijds plaats bij café-­res­taurant 'De Zadelkamp'. Een door Anton Koopman gratis ter beschikking gestelde directiekeet deed dienst als kleedruim­te, waarna we zelf hebben gezorgd voor de verlichting en de watervoorziening. De luxe van warm water bestond toen nog niet'.

1972

In 1972 vertrok de s.v. Holten naar het gloednieuwe sport­park 'Meermanskamp'. Blauw Wit '66 maakte hier  meteen gebruik van en verhuisde naar de oude Holten locatie aan de Rijssen­seweg, beter bekend als 'Meermansweide'. De be­staande kleedkamers (verbouwde kippenschuurtjes!) werden overgenomen. Er moest alleen een nieuwe ver­lichtingsinstallatie worden ge­plaatst. 'Het toenmalige derde elftal, beter bekend als het chauffeurselftal, gaf aan het begrip 'kantine' een geheel andere dimensie door de met de auto opgehaalde kratjes bier en frisdrank langs het veld te verkopen', aldus Johan Stam. Ondertussen werd er vanaf ca. 1970  druk gespeculeerd over een op handen zijnde fusie tussen Blauw Wit '66 en s.v. Holten omdat laatstgenoemde  plannen had voor een zaterdagafdeling. Toch werd de overgang van 'Meermansweide' naar sport­park 'Meermanskamp' gemaakt, en wel in 1974. Er werd gebruik gemaakt van de s.v. Holten ‑ kantine. Gezien de  toename van het aantal thuiswedstrijden en de demonstratiepartijen van het eerste elftal betekende dit een omzetverhoging voor de kantine. Blauw Wit '66 wilde een evenredig deel van die opbrengsten terug­zien in harde valuta. Jammer genoeg is hier nooit iets van terechtgekomen, zodat de plannen voor een eigen kantine c.q. clubhuis weer uit de kast werden gehaald.

1976

Johan Stam: In de periode 1970‑1974 had Blauw Wit '66 al ge­spaard voor een eigen clubhuis door middel van stands op de alom in Nederland bekende braderie en via diverse andere acties. Van een deel van dit geld hebben we de oude kantine van Vroomshoopse Boys gekocht, net voordat het op de plaatselijke vuilnisbelt zou belanden. Zo kwam het dat op een juni ‑ dag in 1976 het rustieke Vrooms­hoop werd overvallen door 40 Blauw-Witters, gewapend met een door Gerrit Welink geregelde dieplader van de firma Schipper. Tegen de tijd dat de plaatselijke bevolking begreep wat er aan de hand was, werd de kantine gesloopt en als een speer afgevoerd, een gapend gat achterlatend. 's Nachts werd de hele handel in Holten nog gelost ook! Een ware mees­ter prestatie, professioneel opgezet en begeleid door de hiervoor in het leven geroepen bouwcommissie, bestaande uit Johan Stam, Mannes Scholman en Gerrit Stam, onder voor­zitter­schap van Hotze Wiersma. In datzelfde jaar werd er al gesproken over een tweede sport­complex in Holten, waarvan Blauw Wit '66 en de  hockeyclub Holten de bespelers zouden worden. Als uiteindelijke locatie werd gekozen voor 't Vletgoor'.

Na diverse gesprekken tussen Blauw Wit '66, Hockey Club Holten en de sportfederatie werd er in overleg met de gemeente door de Heidemij een ontwerpplan gemaakt voor het complex. Dit in 1980 afgeronde plan omvatte de volgende fasen:

* fase 1: aanleg velden 2, 3 en 4 Blauw Wit '66;

* fase 2: aanleg veld 1 en bebouwing Blauw Wit '66;

* fase 3: aanleg velden en bebouwing Hockey Club Holten.

Op verzoek van Blauw Wit '66 zijn er enkele veranderingen doorge­voerd. Oorspronkelijk was veld 2 ingepland als een klein trainingsveld met veel omringende begroeiing. Het veldje achter de kleedkamers diende als neutraal terrein tussen Blauw Wit '66 en de Hockeyclub. In overleg met de gemeente heeft Blauw Wit '66 dit laten wijzigen in de situatie zoals die er nu bijligt: het trainingsveld bij de vijver en een oefenhoek / in­trapveld  direct achter de kleedkamers, aldus Johan Stam.

1986

Fase 1 is uitgevoerd door de Heidemij en kwam in 1980 gereed. Dat deze jongens nog niet zo dom zijn, bleek  wel in 1986 toen het door de Soweco aangelegde hoofdveld werd geo­pend. De vaste bespelers van het hoofdveld weten inmiddels wat het verschil is tussen 0,60 m en 1,00 m diepploegen. Zoals een ieder weet is fase 3 niet uitgevoerd omdat de mensen van de Hockeyclub zich nog steeds prima thuisvoelen tussen de langsrazende intercitytreinen en de rustgevende natuur van de Holterberg. Inmiddels wordt er dan ook druk gestudeerd op een 'fly‑over'‑variant en een tunneltracé­ voor de onvermijdelijke Noordelijke Rondweg! De bebouwing is een verhaal apart. Het clubhuis kon in het kader van de DACW‑subsidie worden gebouwd, een werkgelegen­heidsproject van de overheid, waarbij de bouwplaats dient als leerplaats voor jonge, onervaren bouwvakkers. Om voor deze overheidssteun in aanmerking te komen, moest de vereniging wel zelf de  bouwplannen maken.

Binnen de bouwcommissie, waarin Cor Beukenkamp inmiddels de plaats had ingenomen van Gerrit Stam en  Gerrit Welink de voorzittershamer hanteerde, bestond al snel eensluidendheid over de vraag wie dit klusje moest klaren. Als werknemer van een groot aannemersbedrijf en als erkend klusjesman binnen de vereniging was Johan Stam de aangewezen persoon.

Johan Stam: 'Op aanwijzing van de gemeente is de bouwcommis­sie naar Oranje Nassau in Almelo geweest  om aldaar de kleed­kamers te bekijken. Daarbij viel meteen al de vormgeving van het clubgebouw op. Ondanks het bezoek aan een tiental andere verenigingen rondom Holten werd het Oranje Nassau clubhuis als uitgangs­punt genomen. Op basis van praktische ervaringen van de be­zochte verenigingen en het inrichtingsprincipe  van het oude clubhuis heb ik in 1982 de eerste schetsen gemaakt'.

Vervolgens diende het gehele plan bestekgereed te worden gemaakt. Hierbij worden de te verrichten werkzaamheden zodanig op schrift en tekeningen vastgelegd dat een aannemer het werk tot in de details kan uitvoeren. Dit levenswerk kosten Johan en zijn trouwe typiste Hennie in totaal bijna twee jaar, waarbij  volledigheidshalve moet worden vermeld dat de meeste werkzaamheden in de avonduren plaatsvonden.

Natuurlijk moest het één en ander eerst door de gemeente worden goedgekeurd. Wie zelf al eens thuis het  één en ander heeft verbouwd, weet hoe moeizaam dit kan verlopen. Dit ondervond ook Johan Stam. Na het  bestek drie keer veranderd te hebben (grote gaten, kleine gaten, flauw dak, steil dak) ging de welzijnscommissie uiteindelijk in 1983 ak­koord.

In datzelfde jaar is met de bouw begonnen. Het timmer‑ en metselwerk is door de leerling‑bouwvakkers van bouwbedrijf Voordes uitgevoerd. De houten kapconstructie is door De Groots uit Vroomshoop in elkaar gezet. Zelf hebben we daarna met een aantal zeer vakbekwame en gespecialiseerde vrijwilligers binnen Blauw Wit '66 het tegel‑ en loodgieterswerk, de CV en de inrichting van de keuken en de berging verzorgd. Eén en ander onder toezicht van financieel expert Cor Beu­kenkamp, die de zaken vanaf de eerste steen tot het laatste tegeltje gecontroleerd heeft, zo besluit Johan Stam.

1984

Na de finishing touch door de gemeente, door middel van het aanleggen van diverse bestratingen op en rondom het com­plex, werd het clubhuis op 12 mei 1984 officieel geopend. Holten was opnieuw een schitterend sportpark rijker.

 

Deel 5: Mr. Zaalvoetbal Blauw Wit '66 Gerrit Dikkers

Een bijdrage geschreven door Eric Mondeel.

De afdeling zaalvoetbal van Blauw Wit '66 heeft in het jubileum­jaar van de  vereniging haar hoogtepunt bereikt.  Het eerste team behaalde dit seizoen  een tweede plaats en daarmee voor het eerst in de geschiedenis promotie  naar de eerste klasse. De spelers hebben dit resultaat mede te danken aan het tactisch inzicht van coach Gerrit Paalman, zelf als voormalig (en toekomstig?) zaalvoetballer door de wol geverfd, maar zij dragen ook trainer Gerrit Dikkers op handen.

Gerrit Dikkers verdient de eretitel Mr. Zaalvoetbal Blauw Wit '66, niet alleen vanwege de trouw waarmee hij de wekelijk­se trainingen verzorgt, maar ook omdat hij als coach en inval­kracht het tweede team de juiste weg wijst. Bovenal heeft Gerrit Dikkers recht op waardering voor de bergen werk die hij achter de schermen verzet, vooral omdat hij onverdro­ten met deze inspanningen doorgaat zonder dat zij altijd even goed  door iedereen worden opgemerkt. Na al die jaren vindt Gerrit het tijd worden om een aantal werkzaamheden over te dragen. Het wordt elk jaar moeilij­ker, zegt hij. Ik blijf  doorgaan vanwege de gezelligheid, maar ik zou het trainerschap wel graag aan iemand anders willen overdragen. Dat is weleens gezond.  Nee, ik wil niet bedanken als lid van de zaalvoetbalafdeling. Ik wil best coach blijven, van het tweede of het derde en daarnaast nog zelf een beetje recreatief voetballen.

Gerrit Dikkers heeft mede aan de  wieg gestaan van de zaal­voetbalafdeling, die in 1977 werd opgericht. Een jaar na de opening van sporthal 't Mossink. Het spijt hem nog altijd, dat  Blauw Wit '66 niet onmiddellijk gebruik is gaan maken van 't Mossink. Toen  de zaalvoetballers het nieuwe sportbastion betraden, waren de meest  gewenste trainingsuren inmiddels al door andere verenigingen gereserveerd. Blauw Wit '66 kreeg de kruimels  die van de tafel gevallen waren. De  uren laat op de avond. We hebben elk seizoen geprobeerd wat vroeger  te kunnen spelen en trainen, maar dat is nooit goed gelukt. Eén seizoen  mochten we met de training een kwartier eerder beginnen. Dat was al een verademing, maar een jaar later werd dat alweer teruggeschroefd. De zaalvoetbalafdeling van Blauw  Wit is lange tijd niet goed van de  grond gekomen vanwege het late tijdstip waarop de trainingen en de  wedstrijden konden beginnen. In 1985 be­dankte bijna het hele eerste  team en moest Blauw Wit '66 noodge­dwongen met één team verder. Gerrit  Dikkers consta­teert tevreden dat het  zaalvoetbal de laatste jaren in de lift zit. Deze ontwikkeling werd tijdens  het seizoen 1986-1­987 in gang gezet, toen zich een geheel 'nieuw leger' voetbal­lers aanmelden. Het aantal leden dat de trainingen bezoekt, blijft vanwege het late tijdstip aan de lage kant, stelt Gerrit Dikkers vast. Ze zijn de hele week druk en kunnen dan laat op de avond niet goed meer uit de stoel komen. Gelukkig beginnen de wedstrijden tegenwoordig wat vroeger.

Gerrit Dikkers is een korte periode niet actief geweest in de zaalvoetbal afdeling. Ik ben in 1979 vanwege  drukke werk­zaamheden gestopt. Ik  speelde toen nog op het veld. In 1981 heb ik toch definitief voor het zaalvoetbal gekozen. Ik had last gekregen van een meniscusblessure en kon  op het veld niet goed meer uit de  voeten. Het terrein was te ongelijk en het ging steeds slechter. In de zaal  heb ik nooit problemen gehad met  mijn knie, die ik steeds goed intape. Het aantal blessures in de zaal vind ik meevallen. Je loopt eerder iets op  het veld op.

Gerrit Dikkers vindt het niveau van het eerste team goed. Het is misschien wat te aanvallend. Iedereen  heeft een drang naar voren, zodat er achterin nog wel eens nonchalant gespeeld wordt. De jongens van het  tweede hebben gemiddeld te weinig techniek. Zaalvoetbal blijft een technisch spelletje. Je ziet gelukkig wel dat de balbeheersing beter wordt als de jongens wat langer in de zaal spelen. Ik ben er voorstander van om naast twee competitieteams recreatievoetbal te laten spelen. Nu moeten  we de boot nog weleens afhouden omdat een speler die zich als lid aanmeldt te weinig techniek heeft. Als  we ook een recreatieteam hebben, kunnen we iedereen toelaten. Dan is er selectie mogelijk.